Vering en schokdempers

In de begindagen van de auto werd er nog niet al teveel gedaan aan het comfort van de passagier. De vering was vaak nog vrij primitief, wat het rondrijden over de veelal hobbelige wegen lang niet altijd tot een pretje maakte. Schokdempers ontbraken soms helemaal. Gelukkig is er sinds die tijd heel wat veranderd, zodat de hedendaagse automobilist niet elk hobbeltje op de weg met angst en beven tegemoet hoeft te zien.

Schroefveren of luchtkussentjes

De veren absorberen de grote schokken. In personenauto’s worden meestal de welbekende, spiraalvormige schroefveren gebruikt. Ze vangen de klappen op doordat ze in elkaar gedrukt worden. In terreinwagens en vrachtauto’s vind je vaak bladveren, die ook in de begintijd van de auto veel werden gebruikt. Die bestaan uit een of meerdere lagen op elkaar gestapeld staal. Ze zijn uiterst sterk en duurzaam, maar ook heel erg zwaar.

Steeds vaker worden ook luchtveren gebruikt. Je vindt ze in luxueuze limousines, maar ook steeds meer "gewone" personenauto’s worden ermee uitgevoerd. Bij dit systeem rust de carrosserie in feite op een viertal luchtkussentjes, die elektronisch kunnen worden aangestuurd. Dat betekent dat je ze bijvoorbeeld ook op je eigen rijstijl aan kunt passen.

Nooit zeeziek dankzij de schokdempers

Alleen veren zijn niet genoeg om comfortabel rond te rijden. Door het terugveren van de veren zou de auto namelijk na elk hobbeltje nog een tijd lang na blijven trillen. Hij zou dus heen en weer blijven wiebelen tot je er misschien wel zeeziek van zou worden. Daarom is iedere auto ook uitgevoerd met schokdempers.

Een schokdemper bestaat uit een cilinder waarin zich een hydraulische vloeistof bevindt. Via een kleine opening kan die naar binnen en buiten stromen. In de cilinder zit een zuiger die op en neer gaat met het schokken van de auto. De weerstand van de vloeistof zorgt ervoor dat de schokken worden gedempt en de auto dus nauwelijks na blijft trillen. Behalve dat het een stuk comfortabeler aanvoelt, zorgt dit ook voor een betere wegligging.