Economie
België is niet alleen op taal- en cultuurgebied een verdeeld land, ook economisch is er een duidelijk onderscheid tussen Vlaanderen en Wallonië. Economische centra als Antwerpen, Brussel en Gent liggen in Vlaanderen. In Wallonië vind je vooral getuigen van vergane glorie in de vorm van gesloten mijnen en voormalige fabrieksgebouwen. Luik en Charleroi kregen zware klappen te verwerken toen de mijnindustrie niet meer rendabel bleek.
Het is daarom niet verwonderlijk dat de werkloosheid in Wallonië ruim twee keer zo hoog is als in Vlaanderen. Met het zogeheten Contrat d’Avenir (Contract van de Toekomst) wordt sinds 2005 geprobeerd daar iets aan te doen. Startende bedrijven krijgen overheidssteun en worden geholpen bij het vinden van exportmarkten. Verder probeert Wallonië buitenlandse investeerders aan te trekken, onder andere in de hightech industrie. De economische teruggang in het Waals Gewest is wel tot staan gebracht, maar er zijn (nog) nauwelijks tekenen van herstel.
België was een van de eerste geïndustrialiseerde landen van Europa en nog steeds speelt de industrie een belangrijke rol. Vooral de petrochemische bedrijven bij Antwerpen dragen hun steentje bij. Toch is industrie allang niet meer de belangrijkste economische pijler. België is –net als Nederland– de laatste decennia veranderd in een diensteneconomie. Vooral financiële dienstverlening heeft een hoge vlucht genomen.

Diensten zijn geconcentreerd in en rond Brussel. Het feit dat die stad het hoofdkwartier is van de Europese Unie en de NAVO en dat er veel multinationale bedrijven kantoor houden, heeft daaraan bijgedragen.
Al vanaf de middeleeuwen kent België een belangrijke katoenindustrie. Dat is nog steeds zo met Gent, Doornik, Kortrijk en Verviers als de belangrijkste centra. Het kant uit Brugge is wereldberoemd.
Toerisme
Hoewel het een klein land is, heeft België de toerist veel te bieden: mooi natuurschoon, historische steden en een kuststrook waarlangs een mooi, breed strand loopt. Die kuststrook biedt naast strandplezier prima uitgaansmogelijkheden.
De Ardennen zijn zeer in trek, vooral als bestemming voor korte vakanties van toeristen uit de omringende landen. Opvallend is dat veel campings in de Ardennen in Nederlandse handen zijn. De Walen vinden dat niet leuk en protesteren tegen deze "vernederlandsing".
Van de dertig miljoen hotelovernachtingen per jaar komt ongeveer de helft voor rekening van de Belgen zelf. Zij gaan graag een weekend eropuit in eigen land.
Frits Mulder, Taal en tekst.
