Geografie

Brazilië is een uitgestrekt land in Zuid-Amerika, het beslaat bijna de helft van dat continent. Het is 240 keer zo groot als Nederland en heeft 185 miljoen inwoners. De grootste afstand van zowel noord naar zuid als van oost naar west bedraagt zo’n 4300 kilometer.

Het land grenst in het noorden en oosten aan de Atlantische Oceaan. De kustlijn is ongeveer 8000 kilometer lang.

Brazilië grenst aan alle landen in Zuid-Amerika met uitzondering van Chili en Ecuador. In het noorden grenst het land aan Frans-Guyana, Suriname, Guyana en Venezuela, in het westen aan Colombia en Peru, in het zuidwesten aan Bolivia, Paraguay en Argentinië, en in het uiterste zuiden aan Uruguay.

Geografisch kun je Brazilië grofweg in twee hoofdregio’s verdelen: de noordelijke laagvlakte (het stroomgebied van de Amazone-rivier), en een hoogvlakte in het zuidelijk deel van het land: de Planalto de Mato Grosso, in het oosten begrensd door het Braziliaanse Hoogland.

Amazone-rivier

De Amazone is de op een na langste rivier ter wereld (7025 km), tenminste als je rekent vanaf de oorsprong in het Andes-gebergte. Daar heeft de rivier de naam Marañon. In Brazilië heet hij eerst Solimões en pas bij de samenvloeiing met de Rio Negro (bij de stad Manaus) wordt hij Amazone genoemd.

De monding van de rivier bij de stad Belem is heel breed met talloze eilanden, een zogeheten estuarium, waar eb en vloed zich sterk doen gelden. Het grootste eiland in deze riviermonding is Ilha de Marajó, met een oppervlakte groter dan Nederland!

Het hele noordelijke laagland wordt bedekt door tropisch regenwoud, al wordt dat steeds meer aangetast door houtkap, mijnbouw, veeteelt en landbouw. Daar komt bij dat er in het hart van het regenwoud olie is gevonden. Natuurbeschermers waarschuwen al jaren voor de desastreuze gevolgen en wijzen daarbij op de al verdwenen regenwouden in West-Afrika en Zuidoost-Azië.

De hoogvlakte in het zuiden bestaat voornamelijk uit tafelbergen van niet meer dan 300 meter hoog. Rivieren hebben diepe kloven uitgesleten in deze bergen van zandsteen. De bergketens aan de oostkant lopen stijl af naar de kust. De bergen daar zijn tussen de 400 en 1000 meter hoog, maar er zijn uitzonderingen. Het hoogste punt is de Pico de Bandeira (2890 m) ten noordoosten van Rio de Janeiro.

Strand van Buzios nabij Rio de Janeiro

Langs de Atlantische kust ligt een hooguit 80 km brede strook laagland. De kust van Brazilië is beroemd om haar brede zandstranden met strandwallen en duinen, die begroeid zijn met kokospalmen.

Voor de kust liggen op verscheidene plaatsen riffen van zandsteen en koraal. Die vormen de scheiding tussen de oceaan en een groot aantal lagunes, begroeid met mangrovebossen.

In die kuststrook vind je de meeste grote steden, hoewel niet altijd pal aan het strand. De grootste stad van Brazilië, São Paulo, ligt bijvoorbeeld op 70 kilometer van de kust op een hoogte van 800 m. De Braziliaanse steden hebben vaak een enorme omvang. São Paulo heeft 10 miljoen inwoners, maar dubbel zo veel als je de voorsteden meerekent.

Frits Mulder, Taal en tekst.