Geschiedenis 2
[Vervolg van Geschiedenis 1]De Portugezen beschouwden Brazilië puur als een wingewest. Het goud werd naar Portugal vervoerd en Brazilië werd belemmerd in zijn ontwikkeling. Zo was uitvoer van Braziliaanse producten verboden en in 1785 verboden de Portugezen zelfs alle industriële activiteit in de kolonie.
Dat veranderde snel nadat Napoleon de Portugese koninklijke familie uit Europa verdreven had. Die familie week uit naar Rio de Janeiro (inmiddels de nieuwe hoofdstad).
De rollen waren nu omgekeerd: Brazilië leek het machtscentrum te zijn geworden van het Portugese Rijk, terwijl het moederland verarmd achterbleef. In 1822 werd Brazilië formeel een onafhankelijk keizerrijk onder keizer Pedro I, een zoon van de oude Portugese koning.
Hij riep veel weerstand op door zijn autoritaire optreden. Zijn opvolger, Pedro II, voerde maatregelen door om de economie te stimuleren. Koffie, katoen en rubber kwamen sterk op als exportproducten.
Op de plantages werkten slaven, terwijl de "beschaafde" wereld slavernij inmiddels als immoreel was gaan zien. Onder grote internationale druk schafte Brazilië in 1888 de slavernij af, zeer tot ongenoegen van de grootgrondbezitters.
Pedro II kreeg de schuld en in 1889 werd hij afgezet door generaal Manoel Deodoro, die zichzelf tot president uitriep.
Vijf jaar later kreeg Brazilië zijn eerste burgerpresident: Prudente de Morais e Barros. De economische crisis van 1929 kwam ook in Brazilië hard aan.
In 1930 organiseerde het leger een "volksopstand" waardoor Getúlio Vargas aan de macht kwam. Een van zijn eerste daden was het vernietigen van grote hoeveelheden koffie, waardoor de prijs van koffie steeg.
Omdat Vargas volgens de grondwet maar twee ambtstermijnen aan mocht blijven, pleegde hij in 1937 een staatsgreep. Onder druk van de Verenigde Staten trad hij in 1945 af, maar in 1951 kwam Vargas opnieuw aan de macht.
Frits Mulder, Taal en tekst.
