Moderne politiek 1
Na de oorlog stond de Deense politiek in het teken van een ingrijpende grondwetswijziging.
Die kwam in 1953 tot stand: de Eerste Kamer van het Deense parlement werd daarbij afgeschaft en vrouwelijke troonopvolging werd mogelijk gemaakt.
Net als in Zweden hebben de sociaal-democraten een zwaar stempel gedrukt op de na-oorlogse politiek. Ze maakten, op enkele korte onderbrekingen na, voortdurend deel uit van de regering. In die tijd werd de sociale verzorgingsstaat verder uitgebreid.
Denemarken en "Europa"
In 1972 werd er een referendum gehouden over aansluiting bij de Europese Gemeenschap (nu: Europese Unie). Ruim 63% van de kiezers was voor, zodat Denemarken op 1 januari 1973 toetrad, samen met Groot-Brittannië en Ierland.

Dat de Denen langzamerhand minder enthousiast werden over de Europese gedachte bleek twintig jaar na het referendum
In 1992 wezen ze het zogeheten Verdrag van Maastricht af, waarin de verdere politieke en monetaire eenwording van de EU werd geregeld. Pas nadat de EU Denemarken van enkele afspraken had uitgezonderd, gingen de Denen in 1993 alsnog akkoord.
Het land heeft ook de invoering van de euro afgewezen, al is de Deense munt (de kroon) wel gekoppeld aan de Europese munt.
In 1982 kwam er een einde aan de dominantie van de sociaal-democraten. De conservatieve Poul Schlüter werd eind dat jaar premier van een centrum-rechts kabinet.
[Vervolg: Politiek 2]
Tip:
|
