Geografie
Finland ligt in Scandinavië. In het oosten grenst het aan Rusland, in het noorden aan Noorwegen en in het noordwesten aan Zweden. Ten westen van Finland ligt de Botnische Golf en ten zuiden de Finse Golf (met aan de overkant Estland). Het land is 338.145 km² groot, ruim 8x keer Nederland.
Meren
Bijna 10% van het oppervlak bestaat uit water: er zijn duizenden meren (totaal meer dan 180.000) vooral in het midden en zuiden van Finland. Die meren zijn het gevolg van de IJstijd. Finland was tot 10.000 jaar geleden bedekt met een dikke laag ijs, die miljoenen jaren lang het land naar beneden had gedrukt. Toen het ijs verdween kwam het land omhoog en werden de duizenden meren gevormd.

De meeste meren hebben een langwerpige vorm en zijn met elkaar verbonden door riviertjes. De grootste meren zijn:
- Inarijärvi (1385 km2)
- Saimaa (1300 km2)
- Paijanne (1304 km2).
De stijging van het land gaat tot op de dag van vandaag door en dat geldt ook voor de zeebodem. Voor de kust van Finland liggen duizenden eilandjes, die steeds groter worden. Ook komen er nieuwe eilandjes bij. De stijging van de zeebodem (zo’n 40 tot 50 cm per eeuw) is lastig voor de havens. Na verloop van tijd worden die moeilijk bereikbaar voor schepen en moet er een nieuwe haven worden gebouwd.
De langste rivier is de Kemijoki die in het noorden ontspringt en bij Kemi in Midden-Finland uitmondt in de Botnische Golf. De Kymjoki ontspringt in het zuidelijke merengebied en mondt bij Kotka uit in de Oostzee.
In het zuiden van het land vormt de heuvelrug Salpausselkä de grens van het merengebied. Hoge bergen zijn er alleen in het noorden. Op de grens met Noorwegen ligt de hoogste berg van het land, de Haltiatunturi (1324 m).
De meeste mensen wonen in de zuidelijke kuststrook. Daar liggen de hoofdstad Helsinki en de derde stad van het land, Turku. De tweede stad, Tampere, ligt zo’n 170 kilometer noordelijker.
Verder naar het noorden wordt de bevolkingsdichtheid steeds lager. In de noordelijke helft van Finland wonen nog geen 2 mensen per vierkante kilometer.
Niet zo vreemd, want eenderde van het land ligt boven de Poolcirkel. De grootste stad in het noorden is Rovaniemi, de hoofdstad van Lapland.
Een groot deel van Finland bestaat uit bossen, ongeveer 65% van het land is met bos bedekt. Van oudsher speelt de houtindustrie een belangrijke rol in de economie.
Kou
De winters in Finland zijn koud, maar de zomers zijn – dankzij de invloed van de Warme Golfstroom – vrij zacht. Die zomer duurt niet lang en de Finnen grijpen die korte tijd dan ook aan om eropuit te trekken. De winters in het noorden zijn lang en streng, een temperatuur van -20 graden Celsius (overdag!) is heel gebruikelijk. In de hoofdstad Helsinki is de gemiddelde temperatuur in februari "slechts" -6 graden Celsius. Daar staat tegenover dat in het zuiden meer neerslag valt dan in het noorden.
Frits Mulder, Taal en tekst.
