Geschiedenis van Frankrijk tot 1789
Het gebied dat nu Frankrijk is, wordt al heel lang door mensen bewoond. Bij archeologische opgravingen zijn door mensen gemaakte voorwerpen gevonden van meer dan 400.000 jaar oud.Rond 1200 v. Chr. trok een Keltisch volk, de Galliërs, vanuit de Rijnvallei naar wat nu Frankrijk is. Rond 600 v. Chr. stichtten de Grieken een handelskolonie aan de zuidelijke kust: Massilia (nu: Marseille). Daardoor kwam Gallië in contact met de klassieke wereld.
Lange tijd was Gallië onderdeel van het Romeinse Rijk. In 121 v. Chr. begonnen de Romeinen hun verovering van Gallisch gebied. Zo’n zeventig jaar later was heel Gallië onderworpen aan de Romeinse keizer Julius Caesar.
Toen het Romeinse Rijk in verval raakte, was het de beurt aan de Franken. De koning van de Salische Franken – Clovis – versloeg de Romeinen definitief in 486. Daarop erkenden alle Frankische stammen hem als koning. Deze onstuimige vorst veroverde bijna heel Gallië en een deel van Zuid-Duitsland.
Na de dood van Clovis ontstond er onenigheid over zijn opvolging. In de achtste eeuw werd Frankrijk weer herenigd onder Karel de Grote, die het toppunt van macht bereikte: zijn rijk besloeg het grootste deel van West-Europa.
Na Karel de Grote vielen de Noormannen Frankrijk binnen en plunderden het aan alle kanten. In 911 kregen zij Normandië als leengebied en staakten zij hun aanvallen.
De Engelse koning Edward III, die aanspraak maakte op de Franse troon, viel in 1337 Frankrijk binnen. Deze oorlog werd bekend als de Honderdjarige Oorlog maar duurde iets langer (1337 – 1453), hoewel er tussentijds perioden van vrede waren.
Het einde van de oorlog werd in gang gezet door Jeanne d'Arc, een boerenmeisje uit Domrémy. Ze meende "stemmen" te horen van heiligen, die haar vertelden dat ze Frankrijk van de Engelsen zou verlossen. Ze kreeg een legertje mee en bevrijddde daarmee Orléans (1429).
De succesvolle veldslagen van Jeanne d'Arc vormden het begin van de verzwakking van Engeland. Het verloor al zijn bezittingen op het vasteland van Europa, met uitzondering van Calais. Overigens was Jeanne d’Arc eerder al in handen van de vijand gevallen. De Engelsen brachten haar op de brandstapel ter dood.
In de zestiende eeuw verspreidde het protestantisme zich in Frankrijk. Dat leidde tot een aantal religieuze burgeroorlogen. De kwestie werd opgelost door koning Hendrik IV, een protestant die zich bekeerde tot het katholicisme, maar tegelijkertijd religieuze vrijheden verleende aan de protestantse hugenoten.
In de eeuw die volgde, ontwikkelden de Franse koningen absolute macht en heerste Frankrijk over Europa. Na Louis XIV (de "Zonnekoning") ging het bergafwaarts.
In de achttiende eeuw verloor Frankrijk een aantal oorlogen en kwam het land op de rand van bankroet. Gecombineerd met de groeiende onvrede over het feodale stelsel leidde dit tot een volksopstand.
Feodaal wil zeggen: tot het leenstelsel behorend. Hiermee wordt bedoeld dat een man van adel persoonlijk één of meer mensen in bezit heeft en ondergeschikt of "horig" maakt. In een feodaal stelsel leeft de adel van de opbrengst van het werk dat horigen moeten verrichten.
[Vervolg: Geschiedenis vanaf 1789]
