Geschiedenis 1
Al in de prehistorie werd Griekenland bewoond. Omstreeks 1900 v. Chr. vielen Indo-Europese stammen het gebied binnen en onderwierpen of verdreven de oorspronkelijke bewoners.Zij brachten cultuurelementen mee die later zeer bekend zouden worden, zoals de verering van goden. Op hun beurt werden deze volkeren beïnvloed door de zogeheten Minoïsche beschaving op het eiland Kreta.
Er waren veel kleine rijkjes en stadstaatjes die voortdurend op voet van oorlog stonden.
Griekse expansie
Rond 800 v. Chr. begonnen de Grieken uit te waaieren over het hele Middellandse Zeegebied, daartoe gedwongen door overbevolking en voedselgebrek in eigen land.De Grieken stichtten nederzettingen langs de hele kust van de Middellandse Zee. Om slechts enkele voorbeelden te noemen: Massilia (Marseille), Neapolis (Napels), Byzantium (Istanbul), Malaca (Malaga) en Carthago in wat nu Tunesië is.
Intussen breidde Macedonië (in het noorden van Griekenland) zijn macht uit; Philippus II van Macedonië veroverde de ene stadstaat na de andere.
Zijn zoon (Alexander de Grote) breidde dit zogeheten Hellenistische Rijk nog verder uit, tot aan de Indus-rivier in het oosten en Egypte in het zuiden. Op deze manier werd de Griekse cultuur over een groot deel van het Midden-Oosten verspreid.
Romeinse overheersing
Heel lang heeft deze overheersing niet geduurd, want de Romeinen drongen vanuit het westen op.In 146 v. Chr. was Griekenland als de provincie Macedonië bij het Romeinse Rijk ingelijfd.

Na het uiteenvallen van het Romeinse Rijk in een oostelijk en westelijk deel, werd Griekenland onderdeel van het Byzantijnse Rijk.
De Griekse taal en cultuur vormden de basis voor de Byzantijnse beschaving maar politiek en militair speelde Griekenland geen rol van betekenis.
[Vervolg: Geschiedenis, deel 2]
