Moderne politiek 1

Een naaste medewerker van dictator Salazar, Marcello Caetano, werd zijn opvolger. Hij slaagde er niet in de groeiende oppositie in de koloniën en in Portugal in de hand te houden. Bovendien stond Portugal er in het begin van de jaren '70 economisch uiterst slecht voor.

Linkse elementen in het leger konden het niet langer aanzien en grepen op 25 april 1974 in. Caetano werd afgezet. Deze staatsgreep gebeurde zonder enig bloedvergieten en werd bekend als de "Anjerrevolutie". De nieuwe president werd António de Spínola. De bevolking was enthousiast en ging met rode anjers de straat op, maar al snel bleken er in de regering grote tegenstellingen te bestaan. De Spínola moest een half jaar na de revolutie aftreden, nadat hij had geprobeerd de invloed van extreem-links in de regering in te dammen.

De nieuwe regering maakte haast met het afstoten van koloniën in Afrika en Azië. In 1974 en 1975 werden Guinee-Bissau, Mozambique, de Kaap-Verdische eilanden, São Tomé en Príncipe, en Angola onafhankelijk. Portugal trok zich bovendien terug uit Oost-Timor, waarop dat gebied werd bezet door Indonesië. Deze snelle afbouw van overzeese bezittingen deed de Portugese economie geen goed. Het land kon nauwelijks de last dragen van terugkerende Portugezen (retornados) en immigranten uit de voormalige koloniën.

In 1976 werden er dan eindelijk vrije verkiezingen gehouden. Die werden overtuigend gewonnen door de socialisten onder leiding van Mário Soares. Toch moest Soares twee jaar later al het veld ruimen, omdat hij er niet in slaagde de economie uit het slop te trekken. Maar ook zijn conservatieve opvolgers hadden een harde dobber aan het stimuleren van de economie. Soares kwam opnieuw als overwinnaar uit de verkiezingsstrijd in 1983. Hij startte een streng bezuinigingsprogramma en begon toenadering te zoeken tot de Europese Gemeenschap (nu: Europese Unie).

Soares werd in 1985 als regeringsleider opgevolgd door een sociaal-democraat, Aníbal Cavacao Silva. Voor een goed begrip moet je weten dat de Socialistische Partij van Soares een linkse koers vaart, terwijl de Sociaal-Democratische Partij een conservatieve, centrum-rechtse partij is. Soares bleef wel een rol van betekenis spelen.

[Vervolg: Politiek 2]