Schaken voor beginners: dubbelschaak
Eerder hebben we gezegd dat er normalerwijze drie manieren zijn om je te verdedigen als je schaak staat: je koning verplaatsen, het aanvallende stuk slaan, of een stuk tussen de koning en het aanvallende stuk plaatsen.In sommige gevallen heb je echter geen keuze: dan moet je je koning wel verplaatsen. Kijk maar eens naar het volgende diagram:

Je zou die toren naar ieder willekeurig veld kunnen verplaatsen (bijvoorbeeld h6), maar kijk eens wat er gebeurt als je de toren naar veld d6 speelt:

Je kunt onthouden dat je bij dubbelschaak altijd je koning zal moeten verplaatsen om een einde te maken aan het schaak.
Je mag immers maar één zet doen, dus je kan niet en de witte dame en de witte toren slaan. Sla je een van beide, dan wordt je koning nog steeds aangevallen (door het andere stuk). Met andere woorden: je blijft schaak staan, en dat mag niet.
Het is ook niet mogelijk om een stuk tussen de koning en beide aanvallers te plaatsen.
Kortom, zwart moet zijn koning verplaatsen, bijvoorbeeld naar veld c8.
In dit geval is er nog iets aan de hand: de witte toren op d6 viel niet alleen de zwarte koning op veld d8 aan, maar ook de zwarte dame op veld d3, en nadat zwart zijn koning heeft verplaatst, kan wit de zwarte dame slaan.
Zwart zal daarom de partij waarschijnlijk wel verliezen!
