Granada
Granada is de hoofdstad van de gelijknamige provincie in Andalusië (Zuid-Spanje) en heeft 250.000 inwoners. Granada betekent in het Spaans granaatappel, en die vrucht vormt dan ook het symbool van de stad. Granada is prachtig gelegen op heuvels aan de voet van de Sierra Nevada en heeft een bewogen geschiedenis.De stad werd in de 8ste eeuw gesticht door de Moren. Toen die in de 13de eeuw een groot deel van hun veroveringen in Spanje verloren, werd Granada de hoofdstad van wat er nog restte van Moors Spanje. Er brak een periode van grote bloei aan, waarin Granada het centrum werd van kunst, cultuur en wetenschap.
De Moorse invloed is nog duidelijk aanwezig, met als beroemdste voorbeeld het Alhambra, wat "rode vesting" betekent. De naam is ontleend aan de roodbruine bakstenen die zijn gebruikt voor de buitenmuren.
Het Alhambra ligt op een rots hoog boven de Río Darro. In het oudste deel, het Alcazaba, vormt het uitzicht vanaf de Torre de la Vela letterlijk en figuurlijk het hoogtepunt. Naar het noorden kijk je over de oude Moorse wijk Albaicín, in het zuiden liggen de besneeuwde toppen van de Sierra Nevada.

De harem wordt gedomineerd door de Leeuwenhof met in het centrum de Leeuwenfontein, die rust op twaalf marmeren leeuwen.
Op een heuvel tegenover het Alhambra ligt de Generalife, het zomerverblijf van de sultans.De gebouwen hebben er ranke zuilen en beschutte patio’s en er zijn vele tuinen met verrassende doorgangen.
Zonder twijfel is het Alhambra dé reden om Granada te bezoeken. Maar de stad heeft meer te bieden.
Zoals Albaicín, de grootste Moorse wijk van Spanje, met nauwe straatjes en oude badhuizen. Die badhuizen verloren overigens hun functie na de reconquista (herovering). De katholieken kondigden onmiddellijk een verbod af op publieke baden.
Het archeologisch museum is gevestigd in het Casa de Castril. Er is keramiek uit de Romeinse en Moorse periode te bezichtigen, plus enkele Egyptische vazen.
Granada is bovendien een gezellige studentenstad, met meer bars per inwoner dan welke andere stad in Spanje ook.
Frits Mulder, Taal en tekst.
