Tunis

De Tunesische hoofdstad ligt in het noorden van het land aan het Meer van Tunis, net achter de kustlijn. In het stedelijke gebied van Tunis (inclusief voorsteden als Carthago, La Marsa en Sidi Bou Saïd) wonen zo’n 2 miljoen mensen, oftewel 20% van de Tunesische bevolking.

Net als veel andere steden in Noord-Afrika bestaat Tunis uit een oud gedeelte - de medina - en een nieuw gedeelte dat werd aangelegd door de Fransen. Daarnaast zijn er wijken die na de onafhankelijkheid zijn gebouwd.

Medina

De medina is een stad in de stad, een chaotisch doolhof van nauwe, soms overdekte straatjes. De gebouwen hier zijn over het algemeen uit de 14de tot 16de eeuw, maar er zijn ook enkele nog oudere monumenten. Je vindt er schitterende paleizen, moskeeën, medersa’s (koranscholen) en fonteinen.

Tunis: bazaar

De medina van Tunis kwam in 1979 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Overal wordt handel gedreven op de vele markten en marktjes (souks): je kunt er alles kopen, van kruiden en specerijen tot plastic huishoudartikelen, souvenirs, handwerk en leer. Iedere bedrijfstak of ambacht heeft zijn eigen straat of wijk.

Grote Moskee

In het centrum van de medina staat de Djemma el-Zitouna, de Olijvenmoskee, meestal aangeduid als Grote Moskee. Het is het meest vereerde heiligdom van Tunesië, op de moskee van Kairouan na.

De moskee werd gebouwd in de 9de eeuw, maar onderging later vele verbouwingen. Zo is de rijk versierde minaret een toevoeging uit de 19de eeuw. De gebedszaal steunt op zuilen afkomstig uit Carthago. Niet-moslims kunnen die zaal niet bewonderen, want zij mogen alleen de binnenplaats bekijken.

In het paleis Dar Ben Abdallah is het Musée du Patrimoine Traditionnel gevestigd. Daar krijg je een goede indruk van het leven van een rijke Tunesische koopman in de 18de eeuw.

Via de oude stadspoort Bab el Bahr (of Porte de France) kom je op de Avenue Habib Bourguiba, genoemd naar de eerste president van Tunesië (zie Moderne politiek). Deze boulevard loopt dwars door de Franse wijk van Tunis, met mooie koloniale gebouwen en sjieke winkels en restaurants. Geen wonder dat deze straat ook wel de Champs-Elysées van Tunis wordt genoemd.

Buiten de medina ligt het paleizencomplex van de bey ("stadhouder"), waarin nu het Bardo Museum is gevestigd. Het museum heeft een grote collectie archeologische vondsten uit alle culturen die Tunesië hebben bevolkt. Er zijn voorwerpen uit het Fenicische, Romeinse, Byzantijnse, Ottomaanse en Arabische tijdperk. Beroemd zijn de verzameling Romeinse mozaïeken en de zogeheten Griekse schat, afkomstig uit een schip dat in de 1ste eeuw v. Chr. bij Mahdia verging.

De havenplaats La Goulette is een centrum van het uitgaansleven, er zijn vele bars en restaurants. Ten noorden en ten zuiden van La Goulette liggen mooie zandstranden, de noordelijke stranden een tikje sjieker dan de zuidelijke.

Tussen Tunis en de ruïnes van Carthago ligt een schitterend dorpje tegen een berghelling: Sidi Bou Saïd. De meeste toeristen komen niet verder dan de hoofdstraat met het beroemde Café des Nattes, een trefpunt van kunstenaars. Ga eens de zijstraatjes in waar stijlvolle huizen en oude paleizen staan.

Frits Mulder, Taal en tekst.