Economie

Na de Vietnamoorlog werd de plan-economie van het noorden in het hele land doorgevoerd. Dat heeft niet erg lang geduurd. Na de eerste twee vijfjarenplannen voor het hele land bleek dat de doelstellingen niet werden gehaald. Vooral de rijstoogst stelde teleur. Vanaf 1986 werden dan ook hervormingen ("doi moi") doorgevoerd, mede geïnspireerd door de ontwikkelingen in China en de nieuwe koers van de Sovjet-Unie.

De economie groeit sinds de jaren '90 met 7 tot 8 procent per jaar. In 2000 sloot Vietnam een handelsovereenkomst met de Verenigde Staten, een mijlpaal in de relatie met de voormalige vijand.

Ho Chi Minhstad en de Mekongdelta vormen het economische centrum van Vietnam. Daar worden de meeste buitenlandse investeringen gedaan.

Landbouw

Vietnam exporteert veel agrarische producten. In de twee rivierdelta’s in het noorden en zuiden vind je uitgestrekte rijstvelden. Vietnam is de op een na grootste rijstexporteur ter wereld (na Thailand) en produceert eenderde van de totale wereldproductie van cashewnoten. Verder exporteert het land koffie, thee, rubber, zwarte peper en zeevruchten, vooral garnalen.

Vietnamese boer

Een deel van de agrarische productie wordt in het land zelf verwerkt en daarna geëxporteerd. Daarbij moet je niet alleen denken aan ingeblikt voedsel maar ook aan bijvoorbeeld autobanden. Bosbouw is ook belangrijk, maar de houtindustrie vormt wel een gevaar voor het bosbehoud in de noordelijke bergstreken.

Delfstoffen

Het land is rijk aan delfstoffen: steenkool, fosfaten, mangaan, bauxiet en chroom. Verder liggen er voor de zuidelijke kust voorraden olie en gas. Vietnam heeft geen voorzieningen om deze olie te verwerken. Het land exporteert dus ruwe olie om vervolgens de olie in bewerkte vorm (petroleum, benzine etc.) weer te importeren. Voor de energievoorziening is Vietnam niet afhankelijk van olie. Slechts 13% van de elektriciteitscentrales werkt op fossiele brandstoffen (meestal steenkool), de overige zijn waterkrachtcentrales.

Veel Vietnamese vrouwen vinden werk in de kleding- en schoenenindustrie. Dankzij beperkende maatregelen van de VS en de EU tegen de toevloed van textiel en schoenen uit China kon deze sector in Vietnam verder groeien. De regering in Hanoi geeft grote prioriteit aan de ontwikkeling van de staal- en auto-industrie. De auto-assemblagebedrijven zijn vaak een joint-venture met buitenlandse automerken.

Toerisme

Het toerisme naar Vietnam groeit sterk: in 2005 bezochten 3,5 miljoen buitenlanders het land, bijna 20% meer dan een jaar eerder. Vergeleken met Thailand (12 miljoen toeristen) is dat aantal niet zo indrukwekkend, maar Vietnam is bezig met een inhaalslag. Tien jaar geleden trok het land zo’n 1 miljoen buitenlandse bezoekers per jaar. De Vietnamezen zelf gaan ook steeds meer op reis, zowel in eigen land als naar het buitenland.

Vietnam heeft de toerist veel te bieden: prachtige natuur, mooie berggebieden en fraaie stranden. Daarnaast heeft het zeer verschillende steden, van historisch (Hanoi, Hue, Hoi An) tot kosmopolitisch (Ho Chi Minhstad). Zelfs het oorlogsverleden is een toeristische attractie, zoals de ondergrondse gangen van de Vietcongstrijders.

Frits Mulder, Taal en tekst.