Geschiedenis 2
[Vervolg van Geschiedenis 1]
De kantons voelden zich samen onoverwinnelijk en gingen tot de aanval over. In de 15de eeuw trokken ze ten strijde tegen de Habsburgers, de Bourgondiërs en de Duitsers. Iedere keer eindigde de oorlog in het voordeel van de Zwitserse kantons, die daarmee hun onafhankelijkheid hadden bevochten.
Pas toen de Zwitsers tegen de Fransen in Noord-Italië een nederlaag leden (1515), waren de grenzen van de kantons bereikt. Ze besloten voortaan zich uitsluitend neutraal op te stellen in de buitenlandse politiek.
Binnenlands ging het er vanaf de 16de eeuw nog gewelddadig aan toe. De reden: strijd tussen de (zuidelijke) rooms-katholieke kantons en de (noordelijke) protestantse kantons.
Bij het uitbreken van de Franse Revolutie in 1789 ontstond er in Zwitserland een nieuw nationaal besef. Met steun van Zwitserse revolutionairen trokken de Fransen het land binnen. Ze stichtten de Helvetische Republiek, maar het daarbij behorende sterke centrale gezag strookte niet met de zelfstandige traditie van de kantons.
Nog geen 15 jaar later hieven de Fransen het centrale gezag weer op. Al snel daarna trokken ze zich helemaal terug uit Zwitserland, na Napoleons nederlaag in de Slag bij Leipzig (1813). De Zwitsers besloten andermaal zich strikt neutraal op te stellen en zich niet te bemoeien met de conflicten van anderen.
In 1848 kreeg het land een nieuwe grondwet, nog steeds de basis van het huidige Zwitserland. In datzelfde jaar werd Bern gekozen tot hoofdstad van de federatie. In de grondwet is de grote zelfstandigheid van de kantons geregeld.
De strikte neutraliteit handhaafde het land ook tijdens de twee wereldoorlogen. Die afzijdigheid maakte het de ideale vestigingsplaats voor internationale organisaties die neutraliteit ook hoog in het vaandel hebben staan. Zo was de voorloper van de Verenigde Naties – de Volkenbond – tussen de beide wereldoorlogen gevestigd in Genève.
Frits Mulder, Taal en tekst.
